Na de begrafenis

kocht ik couscous, kikkererwten en koriander bij Buurman Cent, at een softijsje in het hart van misschien wel het lelijkste centrum van Nederland, kookte voor mijn ouders terwijl Antony zong, reed in plaats van naar Katwijk per ongeluk naar de Wassenaarse Slag, zwom in zee, bietste een sigaret, tuurde met toegeknepen ogen in de zon, zuchtte eens diep, aanvaardde de terugtocht, neuriede de hele reis ‘Welk een vriend is onze Jezus’, nam een slok rode wijn en vleide mij verdrietig maar voldaan tegen een sterke schouder.

‘s Nachts droomde ik dat ik naast opa in de auto zat. Hij zat achter het stuur. We lachten naar elkaar. Ik maakte nog een foto van hem. Bij een bushalte stapte ik uit; mijn opa reed door. Naar Noorwegen, naar de Hardangervidda, waar mijn oma op hem wacht.

Ja…

…het was een weergaloos weekend, daar op Vlieland.
Sowieso plezierig om een paar daagjes door niets dan zee omringd te zijn (Prachtige vergezichten! Adembenemende wolkenpartijen! Onafzienbare strandvlaktes!) edoch: wat één en ander nóg meer glans gaf was de directe aanleiding van mijn tijdelijk verblijf op dit schitterend Waddeneiland, te weten: ‘de bruiloft van een goede, goede vriend’.

Reeds maanden her had hij mij verzocht de 12e dag van de maand juli vrij te houden opdat ik getuige kon zijn van de wijze waarop hij met zijn vriendin in het huwelijk zou treden. Sterker nog: ik zou van dit memorabel moment niet slechts getuige, maar zelfs Getuige mogen zijn!
Voorwaar een Onwaarschijnlijke Eer voor een onbeduidend krabbelaar als ondergetekende!

Aan de andere kant: van wie had hij beter een handtekening kunnen verlangen dan van een geoefend en door de wol geverfd krabbelaar?

Verder lezen

Westerpark, 12 juli 2008

Uitgaande smsjes tussen 19.00 en 02.00 uur:

Westerpark voor Terschelling Vlieland, óver. De spanning loopt op, net een merel overreden dus moet haast wel weer een legendarische avond worden. Ik meld me later nog. Over en sluiten. X

Onwerkelijk. Hij is net begonnen, met ‘dance me to the doe of love’, ik sta helemaal te trillen

End of love dus, m’n handen doen even niet wat ik wil. Wat is dit mooi!

There is a crack in everything, that’s how the light gets in… De zon is hier doorgebroken. Dit is onwerkelijk. Dit is zo mooi. Dit is ongelofelijk.

Hallelujah

Er zijn geen woorden voor; er is iets gebeurd vanavond

Dit dragen we de rest van ons leven mee. X!

Dance me to your beauty with a burning violin
Dance me through the panic ’til I’m gathered safely in
Lift me like an olive branch and be my homeward dove
Dance me to the end of love
Dance me to the end of love
Oh let me see your beauty when the witnesses are gone
Let me feel you moving like they do in Babylon
Show me slowly what I only know the limits of
Dance me to the end of love
Dance me to the end of love

L’ennui

Met de uren tussen vier en zes in de middag is iets raars aan de hand. Om half vier voel je ze al aankomen, ze werpen hun schaduw vooruit en langzaam kruipt de vermoeidheid vanuit je schouders je hele lichaam door. Het liefst wil je onder je bureau gaan liggen en slapen, heel lang slapen. Als de klok vier slaat, heeft de moeheid definitief bezit van je genomen.
En dan, als je niet weet waar je het kleinste sprankje hoop nog vandaan moet halen, begint het hard te regenen. De lucht is grijs, het hart loodzwaar. Het gemoed probeert zich wanhopig vast te grijpen aan iets, maakt niet uit wat, maar er is niks.
Uit de radio in de kamer naast je klinkt Fleetwood Mac… you can go your own way… mijn God, op hoeveel eindeloos grijze middagen heb je dat nummer al niet voorbij horen komen? Je zou willen dat er nu, voordat alles nog meer vertraagt, een soort cliniclown voor de ziel op zou duiken, die je op sleeptouw neemt, de dingen weer inkleurt, je opvangt, aanvult en aan het lachen maakt. Tot je er buikpijn van hebt, niets meer voelt en nergens meer aan denkt behalve aan het lachen zelf.
Later, als alles weer voorbij is, luister je naar Rufus Wainwright en lach je hardop om jezelf. Stel je voor, een cliniclown voor de ziel! Waar haalde je het toch vandaan? Cliniclowns zijn enge dingen, net zoals mensen die zingen dat het altijd lente is in de ogen van de tandartsassistente.
Het ís niet altijd lente. En inmiddels kun je daar steeds beter mee leven.