Een mooie dag

Het kerkje van Ooij stak scherp af tegen de grijsblauwe hemel en de heuvelrug in de verte. We zagen het huis dat E. Lücker een eeuw geleden schilderde. Boten voeren over de rivier, we fietsten een tijdje met ze op en sloegen toen rechtsaf. “Alsof ze samen één lichaam vormen”, zei ik, wijzend naar de zwerm spreeuwen die over ons heen joeg.

In Beek-Ubbergen streken we neer voor een kop warme chocola. Er kwam een man binnen, die meteen doorliep naar de krantentafel aan de andere kant van het restaurant en in het voorbijgaan een kop koffie bestelde bij de jonge ober. De man bladerde nog door de krantenstapel toen de ober terugkwam. “Zal ik uw koffie alvast bij de papegaai neerzetten meneer?”, vroeg hij beleefd en zonder spoor van ironie.
Wij zaten ook in de buurt van de papegaai, die zijn kop wat achterdochtig schuin had gehouden en mij met nieuwsgierige oogjes had bekeken toen ik hem begroette.
De man met de krant ging naast de papegaai zitten en sprak zacht tegen hem. Hij stak zijn hand in de kooi en de papegaai bood hem meteen zijn gevederde nek aan, waar de man vervolgens lange tijd doorheen bleef kroelen. Toen we weggingen, keek ik nog eens naar hen en slikte mijn ontroering weg bij het zien van de vertrouwdheid en genegenheid tussen de man en de papegaai.

Verder lezen

Najaarshit

Daar zit je dan, in de bioscoop. Jíj hebt voorgesteld om naar deze film te gaan, want 1. je draagt de Nederlandse film een warm hart toe, 2. álle recensies zijn lovend, 3. het script is geschreven door Kim van Kooten, 4. Carice van Houten verveelt sowieso nooit, 5. je hebt in je omgeving alleen maar positieve verhalen gehoord… Deze film moet je zien! Naast je draait je gezelschap ongemakkelijk op haar stoel en gaapt steels achter haar hand. Zelf pers je er in de eerste twintig minuten zo nu en dan een mager ha-aa-a uit, want kom op: dit is toch die vederlichte maar goedgemaakte film waarbij je je verstand lekker op nul kunt zetten… zo’n heerlijke ensemblefilm waar alle verhaallijnen je zachtjes maar dwingend meevoeren naar die wervelende climax, waarbij alles samenkomt en je met een verlicht gemoed -al is het maar voor even- de bioscoop verlaat…

Verder lezen

Het koetje & ik

Gisteren was ik te gast op een boerderij in G. , waar bolletje Ronald een veilig, droog en warm onderkomen voor de winter heeft gevonden. Aan de houten keukentafel, waar ik een kop gloeiend hete koffie en een plak koek besmeerd met boter geserveerd kreeg, kwam het gesprek op het koetje waar we in G. op uitkijken en dat mijn hart heeft gestolen.

N: “De schapen en die ene koe, die in de wei hierachter staan, zijn die eigenlijk van jullie?”
M: “Dat land was van ons, maar we hebben het verkocht aan iemand uit het dorp en de dieren zijn van hem.”
N: “Oh, want ik zag je een keer de koe aaien en dat deed me echt goed. Het eerste wat ik doe als ik hier wakker word, is de gordijntjes opzij schuiven en kijken naar het koetje. Soms vraag ik me af of ze nog wel weet dat ze een koe is of dat ze denkt dat ze een schaap is, omdat ze altijd alleen met die schapen in de wei staat.”
M: “Ja, het is een lief koetje. Vandaar dat we ons wel eens om haar bekommeren… Ninaatje.”
N: “Ninaatje?”
M: “Wist je dat niet? De koe heet Nina.”
N: “… !”