Wekelijks terugkerend feest van herkenning

Altijd weer máchtig interessant, om daags na het weekend te mogen vernemen met wat voor een uitzonderlijke avonturen m’n dierbare, mannelijke collega’s hun tweedaagse ‘leisure-time’ hebben zoet gebracht.
Sterker nog: ik kijk immer dusdanig reikhalzend uit naar hun sterke verhalen tijdens het eerste kopje maandagochtendkoffie dat ik dat hele weekend het liefst compleet zou overslaan!
Maar dat kan natuurlijk niet.
Waar zouden ze anders de tijd vandaan moeten halen om hun uitzonderlijke avonturen ook daadwerkelijk te kunnen beléven, niet waar?

Eergisteren was het gelukkig weer zo ver. Reeds bij binnenkomst in de personeelsruimte zag ik ze aan hun vaste tafeltje zitten, collega 1, 2 en 3; licht naar elkaar overhellend converseerden ze met gedempte stem, als beraamden ze een coup.
Maar ík wist natuurlijk wel beter!
Ik schonk snel m’n pleur in en schoof likkebaardend aan.
Ik boog m’n gelaat tussen hun koppen, wisselde enkele blikken van begroeting en  herkenning, en leverde zo mijn subtiele bijdrage aan de warme vorm van verstandhouding die slechts tussen mannen onderling kan bestaan. Om vervolgens met geduld en gepast respect alert te zijn op het moment waarop ik mij vloeiend in hun discours zou kunnen mengen:

Collega 2: ‘ ‘t zal mij benieuwen’
Collega 3: (de stille) : ‘hm.’
Collega 1: ‘Ach, het seizoen is net begonnen’
Collega 2: ‘Net begonnen?! Anderhalve maand en het is potdomme alweer winterstop!’
Collega 1: ‘Op punten kan het nog makkelijk’
Collega 2: ‘Met een deugdelijk aankoopbeleid hadden we er beter voorgestaan’
Collega 3: ‘Zeker!’
Collega 1: ‘Die nieuwe vleugelverdediger doet het best aardig’
Collega 2: ‘Nou die terugspeelbal prikte ie anders wel bijna in eigen doel. Noem dat maar aardig’
Collega 1: ‘Z’n voorzets waren wél op maat’
Collega 2: ‘Ja. Beetje jammer alleen dat de spits uit z’n neus stond te vreten.’
Collega 1: ‘Die twee keer lat, dat was gewoon péch’
Collega 3: ‘Nou!’
Collega 2: ‘M’n pech regel ik zélf wel. Daar koop ik geen seizoenskaart voor’
Collega 1: ‘Tegen wie moeten we volgende week?’
Collega 2: ‘NAC. Geloof ik. Moet in principe te doen zijn. Maar ik heb d’r een hard hoofd in’

(Het is collega 1 inmiddels opgevallen dat ik wat stilletjes ben en hij probeert me bij het gesprek te betrekken)

‘En, Oscar: goed weekend gehad?’
Ik: ‘Grandioos man! Was gisteren met m’n vriendin in de Stopera bij ‘t Nationaal Ballet: ‘Romeo en Julia’! Echt Fan-Tas-Tisch! Die dynamiek! Die expressie! Onnavolgbaar! Vooraf vond ik het nog jammer dat Igone de Jongh, de prima-ballerina van het gezelschap, de rol van Julia niet op zich nam, maar Ji-Young Kim maakte het echt méér dan waar! En de manier waarop zij en Tamás Nagy op elkaar waren ingespeeld! Vuurwerk!! Werkelijk waar! precies zó moet het Shakespeare voor ogen hebben gestaan!
Ik ben natuurlijk geen échte kenner, maar als enig minpuntje zou ik willen noteren dat de choreografie voor de onovertroffen  hoofdrolspelers nét iets te weinig solo’s bood. Mercutio, Romeo’s vriend, maakte  dit alles echter hélemaal goed. Tussen ons gezegd en gezwegen: ‘als ie z’n kop maar mee had gehad dan had ie volgens mij zónder twijfel de Romeo-rol mogen spelen’ . Wát een danser!
En vlak vooral die vent niet uit die ‘Tybalt’ danste! Ik ben even z’n naam kwijt maar dat was óók voorwaar geen kattenpi…’

Collega 2 staarde inmiddels wat wezenloos naar de bodem van zijn lege koffiekopje. Collega 3 beet op z’n onderlip, en richtte zijn blik op de verte. Collega 1 maakte een eind aan zijn lijden door het gesprek met collega 2 abrupt te hervatten: ‘Al gehoord dat Jaap Stam het voetballen voor gezien houdt?’
‘Zou ook eens tijd worden’, sprak collega 2, ‘Voetbal en rollators gaan nauwelijks samen’.

‘Maar goed, ik heb al te veel van jullie kostbare tijd genomen en het belooft weer een drúkke dag te worden dus ik denk dat ik maar ‘ns aan het slagje ga’, zo trachtte ik mijn hachje te redden, en spoedde mij vervolgens spoorslags richting mijn kantoor.

(Voor eenieder die het wél wil horen echter het volgende: de vorige keer was ik met mijn tip wellicht wat aan de (rijkelijk) late kant, maar voor 2 en 3 november zíjn er nog plaatsen! En anders is er nog altijd kans tijdens de ‘Romeo&Julia-tournee’ later dit jaar.

Mocht dit alles voor u tóch te vroeg dag zijn, dan zie ik u graag op mijn verjaardag, 1e kerstdag, in de Amsterdamse Stopera bij de uitvoering van ‘Sleeping Beauty’ .
Het zou me namelijk een gróótsch verjaarscadeau zijn om in de pauze van dit prachtstuk wat met u over voetbal te kunnen ouwehoeren.)

2 reacties op “Wekelijks terugkerend feest van herkenning”

  1. Henk zegt:

    Ik ben er bij! Hier kun je geen ‘nee’ tegen zeggen, dat is als schieten in eigen doel, zo suf. Wat is je kledingadvies: Noppen of Spitzen?

  2. Oscar zegt:

    @Henk: Noppen, Spitzen, Lieslaarzen, Bowlingschoenen…. mij is het allemaal eender.
    Zolang u uw kerstmuts met knipperverlichting maar thuis laat.

Reageer